|
Contact
|
|
Geschiedenis van Noordlaren en omgeving
Het dorp en hunebed (1)
|
Vereniging Dorpsbelangen
In 1987 heeft de 'Vereniging Dorpsbelangen' Noordlaren
een keurig gidsje uitgegeven waarin allerlei, vooral
historische, wetenswaardigheden over Noordlaren
opgetekend staan. Een stuk geschiedenis van Noordlaren
werd beschreven door een ex-dorpsgenoot, de heer
H.M. Luning, die een aantal publicaties over Noordlaren
op zijn naam heeft staan. Wij willen u deze geschiedenis
niet onthouden. |
|

|
Hunebed G1
Ver voor het bestaan van de dorpen
werd de streek hier wel bewoond, maar de mensen
hadden nog geen vaste woonplaats. |

Tekening hunebed Noordlaren
uit 1768 |
Het hunebed op de es
is er een overblijfsel van. In de Groninger
Volksalmanak van 1984 (J.A. Bakker)
lezen we dat het hunebed van Noordlaren
omstreeks het jaar 2700 voor Chr. is
gebouwd op een natuurlijke dekzandkop
vlak bij een grote veenkom, misschien
een pingo-ruïne.
|
|
| Sinds de vernietiging
van de hunebedden bij Glimmen (G2-3) in de middeleeuwen
en van dat bij Onnen (G4) in dezelfde of latere
tijd, is het ruïneuze steengraf G1 te Noordlaren
als enige hunebed van Groningen overgebleven en
sinds een niet zo erg lang verleden is het zelfs
de trots van de provincie. |

Foto hunebed uit 1918 |
Geïnteresseerde reizigers
van Groningen op weg naar het zuiden
zagen hier hun eerste hunebed waaraan
de grote deksteen in dit geval een zekere
indrukwekkendheid verleende.
In de tweede helft van de achttiende
eeuw worden er de eerste tekeningen
van vervaardigd; van 1874 dateert de
eerste foto. Beschrijvingen van het
hunebed zijn er al sedert 1694.
|
|
| Toch heeft het voortbestaan
van dit cultuurmonument enige malen aan een zijden
draad gehangen. Kort voor 1800 voorkwam Rudolf de
Drews op het laatste moment dat het werd opgeblazen
- de kruitgaten waren al geboord. |
 |
In 1870 is het hunebed
door het Rijk aangekocht; toen zandkuilen
tot vrijwel op de rand van het minieme
reservaatje opgerukt waren, is dit in
1906 iets uitgebreid om aan de graverij
een eind te kunnen maken. Vooral door
de inspanningen van professor Van Giffen
is het reservaat tenslotte in de jaren
1956-73 uitgegroeid tot 0,8 ha.
|
|
Het ontstaan van
het dorp Noordlaren
De stichting van Noordlaren ligt
in het duister en kunnen we schatten zo in de 6e
of 7e eeuw. Ten noorden van de kerk, aan de hoge
zijde van de Lageweg, waren de oudste boerderijen
te vinden. Het deel ten zuiden van de Kerkstraat
is jonger.
De kerk lag in de oude zanddorpen aan de rand van
het dorp en pas later bouwde men de huizen er om
heen. Ten oosten van het dorp treffen we de brinklanden
aan met in oostelijke richting de koebroeken, de
oudste koeweiden van het dorp. Aan de andere zijde
van het dorp hebben we de es, die eerst in de middeleeuwen
is ontgonnen en aan de westzijde er van het Noordlaarderbos.
Dit bos is in de vorige eeuw aangelegd op de heidevelden.
Oorspronkelijk regelden de boeren hun eigen zaken
door middel van het markgenootschap. |